|
Cholesterol is voor ons lichaam onontbeerlijk. Slechts 3% van de total hoeveelheid cholesterol die in het bloed zit komt het lichaam binnen via voeding. Omdat cholesterol en vetten niet oplosbaar zijn in water worden deze stoffen in het bloed vervoerd door middel van lipoproteïnen. Deze lipoproteïnen zijn kleine vetbolletjes bestaande uit triglyceriden en cholesterol esters. Men deelt deze lipoproteïnen in naar grootte. Grote lipoproteïnen met een relatief laag gewicht (vetten zijn lichter dan water) noemt men 'low density' lipoproteïne (LDL). Kleine lipoproteïnen met een relatief hoog gewicht noemt men 'high density' lipoproteïne (HDL). Het LDL vervoert het cholesterol naar alle delen van het lichaam waar het door de cellen wordt gebruikt. LDL cholesterol is rijk aan veresterd cholesterol, dit heeft de neiging zich te hechten aan membranen. Op zich is dat een goede eigenschap omdat zo vrije cholesterol en meeliftende voedingsstoffen kunnen worden opgenomen door de cel. Tevéél LDL (in verhouding tot HDL) echter zorgt voor cholesterolafzettingen aan de vaatwand. LDL cholesterol wordt om die reden ook wel gezien als het ongunstige of slechte cholesterol. Het teveel aan cholesterol wordt door het HDL naar de lever afgevoerd en daar omgezet in galzout. Via de gal komt het in de darmen terecht en via de ontlasting wordt het uitgescheiden. HDL-cholesterol wordt daarom ook wel 'goed' cholesterol genoemd.Blijft natuurlijk dat de verhouding HDL:LDL maakt of LDL zich af kan zetten aan de vaatwanden of gewoon door HDL afgevoerd wordt
In Nederland wordt de grens voor het totale cholesterol gehalte gesteld op 5.60 mmol/l. HDL moet hoger zijn dan 1 mmol/ltr (bij volwassenen tot 60 jaar). LDL moet lager zijn dan 4 mmol/ltr (bij volwassenen tot 60 jaar). Ouder dan 60 jaar jaar moet het totaal cholesterol lager zijn dan 8,3 mmol/ltr De ideale verhouding HDL- LDL is 1:4 (LDL is niet meer dan vier keer zo hoog dan HDL |
Hoe het komt dat je lichaam te veel cholesterol aanmaakt?
De totale hoeveelheid cholesterol die aangemaakt wordt is afhankelijk van de onderlinge vet-verhoudingen. Krijg je veel transvetten binnen dan schiet je totale cholesterolgehalte omhoog. Krijg je in verhouding tot de onverzadigde vetten veel verzadigde vetten
binnen? ook dan zal je totale cholesterol spiegel stijgen.
Nu heeft alles te maken met het feit dat het lichaam de zaak wil reguleren en schade zoveel mogelijk wil beperken. Hoe meer transvetten en verzadigde vetten (ten opzichte van onverzadigde vetten) er in de voeding zitten, hoe meer HDL cholesterol er nodig is om deze 'foute' vetten af te voeren. Hoe meer transvetten en verzadigde vetten je binnenkrijgt, hoe stugger de celwanden worden. De enige manier voor je lichaam om dan celwanden nog enigszins flexibel te houden is door cholesterol als 'extra scharnierpunt cq smeermiddel' in de celwand in te bouwen. Dus hoe stugger de celwanden hoe meer vraag er ontstaat naar cholesterol en hoe meer cholesterol er door het lichaam aangemaakt gaat worden. De verhoging is dus een reactie van het lichaam om de celwanden nog enigszins vloeibaar te houden en te voorkomen dat bijvoorbeeld de bloedvaatwanden breken. Hoe komt het dat er teveel LDL wordt aangemaakt? Het lichaam wil echter niet alleen de 'foute' vetten afvoeren en de celwand flexibel houden maar ook HDL en LDL zoveel mogelijk in een bepaalde verhouding hebben. Maar: van verzadigde en transvetten kan het lichaam veel LDL en weinig HDL maken. Het lichaam wordt dus voor het blok gezet. Het wil wel maar het kan niet. Gaat de LDL omhoog, dan moet HDL mee en andersom. De totale waarde komt hoe dan ook (te) hoog te liggen. En door de hoge aanvoer van transvetten en verzadigde vetten (in verhouding tot onverzadigde vetten) loopt ook nog eens de verhouding HDL:LDL mank. Er wordt teveel LDL aangemaakt. Hoge cholesterol waarden verlagen Je kunt natuurlijk Statines inzetten die een HMG-CoA reductase bewerkstelligen maar de beste manier om van te hoge cholesterolwaarden en/of een onevenwichtige cholesterol samenstelling af te komen is de aanpassing van het voedingspatroon. Schrap de transvetten, matig enigszins de verzadigde vetten en voer de hoeveelheden olijfolie (omega 9) en vette vis (omega 3) behoorlijk op. Linolzuur (zonnebloemolie bijvoorbeeld) is ook een onverzadigd vet maar vanwege de omzettingsproblemen (die treden op bij vitamine en mineralen tekorten maar ook als je té veel linolzuur binnen krijgt ) wordt geadviseerd minder linolzuur en in ieder geval géén linolzuurverrijkte producten te gebruiken.
|